|
Gepubliceerd in: Bionieuws De UV-stralen in zonlicht beschadigen het DNA in huidcellen. Dit leidt tot een snellere huidveroudering en soms zelfs huidkanker. Toch zijn diezelfde UV-stralen ook goed voor je huid, toont Helka Sigmundsdottir van de Amerikaanse Stanford University aan (Nature Immunology, 28 januari).
Mensen hebben in beperkte mate zonlicht nodig om vitamine D te kunnen maken. Deze vitamine krijgen we van nature niet binnen via ons voedsel, maar wordt in de huid geproduceerd wanneer hier UV-B straling op valt. Een tekort aan vitamine D leidt tot rachitis oftewel de Engelse ziekte, een aandoening die allerlei afwijkingen in botweefsel veroorzaakt. Er zijn verschillende soorten D-vitamines, en een hiervan, D3, blijkt nu een immuunreactie op gang te brengen.
Zodra er zonlicht op de huid valt en D3 ontstaat, komen zogenaamde dendritische cellen in actie. Zij zoeken T-cellen op, en dirigeren deze in dit geval naar de huid. T-cellen zorgen voor afweer, zoals het opruimen van ziekteverwekkers. Maar ook van cellen waarvan het DNA ernstig is beschadigd, om zo te voorkomen dat zij in kankercellen veranderen. Zonlicht veroorzaakt dus niet alleen kanker, maar kan het via de vitamine D3-route ook voorkomen. Het onderzoek levert verder bewijs voor het idee dat dendritische cellen binnen het immuunsysteem een belangrijke rol spelen als dirigerende boodschappers.
Muizen en ratten, dieren die voornamelijk ’s nachts leven, maken geen vitamine D3 aan in hun huid. Sigmundsdottir en haar collega’s denken daarom dat het door D3 in werking gezette beschermingsmechanisme speciaal in dagdieren is ontstaan om hen tegen de zon te beschermen. De ontdekking verklaart ook waarom crèmes die vitamine D3 bevatten helpen tegen huidaandoeningen als psoriasis. Deze crème dirigeert T-cellen richting de huid, waar zij de door de huiziekte veroorzaakte ontstekingen te lijf kunnen gaan.
|